Arbeidsovereenkomst en Arbeidscontract

De Arbeidsovereenkomst (Arbeidscontract)

De Arbeidsovereenkomst (Arbeidscontract)

In de arbeidsovereenkomst of het arbeidscontract wordt de rechts-verhouding tussen de werkgever en de in loondienst tredende werknemer grotendeels geregeld. In het Burgerlijk Wetboek, artikel 1637 wordt dit precies beschreven. De arbeidsovereenkomst behelst de wederzijdse rechten en plichten van de twee partijen, zoals de proefperiode of de wettelijke opzegtermijn van het arbeidscontract. Welke rechten, plichten en regelingen betreft het nog meer? In dit artikel meer over de arbeidsovereenkomst.



Arbeidsovereenkomst - Arbeidscontract

Arbeidsovereenkomst Arbeidscontract. De rechtsverhouding tussen de werkgever en de in dienst tredende werknemer, wordt voor een belangrijk gedeelte geregeld in de tussen hen gesloten arbeidsovereenkomst c.q. arbeidscontract.

Burgerlijk Wetboek. In het Burgerlijk Wetboek artikel 1637a, wordt deze arbeidsovereenkomst beschreven als: “de overeenkomst waarbij de ene partij, de arbeider, zich verbindt, in dienst van de andere partij, de werkgever, tegen loon gedurende zekere tijd arbeid te verrichten”.

Overeenkomst Twee Partijen

Overeenkomst Rechten Plichten. Een arbeidsovereenkomst is in wezen, zoals elke overeenkomst, een afspraak tussen twee partijen -in dit geval de werknemer en de werkgever- waarin ze de rechten en plichten over en weer regelen.

Mondeling Schriftelijk. Het is geen vereiste dat deze afspraken schriftelijk worden vastgelegd (al zijn hier wel enkele uitzonderingen op). Het is wel raadzaam om een en ander schriftelijk vast te leggen, voor het geval een arbeidsgeschil ontstaat. In de tussen de werkgever en werknemer af te sluiten arbeidsovereenkomst, hetzij mondeling, hetzij schriftelijk, dienen in ieder geval regelingen getroffen worden betreffende:
  • het soort werk dat de werknemer gaat verrichten
  • de duur van het dienstverband
  • het loon of salaris dat de werknemer zal verdienen
  • de werktijden
  • vakantiegeld, vakantiedagen etc.

Arbeidsovereenkomst - Wettelijke Regelingen Afspraken

Wettelijke regelingen. Er zijn talloze zaken die in de wet geregeld zijn, waarvan een werkgever en werknemer niet van af kunnen wijken.

Minimumloon. De regeling omtrent het minimumloon is neergelegd in de Wet Minimumloon, van welk bedrag niet naar beneden mag worden afgeweken. Komen werkgever en werknemer samen toch een lager loon overeen, dan is een dergelijke afspraak strijdig met de Wet en niet rechtsgeldig. Zie voor een uitgebreid overzicht en nadere informatie Minimumloon & Minimumjeugdloon en Verplichtingen Werkgever.

Rechtsgeldigheid. De vrijheid van werkgever en werknemer om naar eigen inzicht en goeddunken afspraken te maken, wordt beperkt door afzonderlijke wetten (zoals minimumloon), maar ook die van het Burgerlijk Wetboek. Indien de werknemer bijvoorbeeld bij het aangaan van de arbeidsovereenkomst instemt met de eis van de werkgever dat deze ontslagen wordt in geval van ziekte, wordt deze wettelijk terzijde geschoven en is niet rechtsgeldig. Dit is beschreven in het Burgerlijk Wetboek (artikel 1639 h lid 3). Dit wetsartikel stelt namelijk dat er voor de werkgever een ontslagverbod is tijdens ziekte (zolang die ziekte niet langer dan twee jaar heeft geduurd). Naast diverse wetten, wordt de vrijheid van werknemer en werkgever ook beperkt door de CAO’ s. Toch hebben de partijen -buiten deze wettelijke beperkingen- ook enige invloed op de inhoud op het door hen af te sluiten arbeidscontract.

Overeenkomst voor Bepaalde Tijd

Bepaalde tijd. Een werkgever en toekomstige werknemer kunnen onderling een bepaalde tijd afspreken, bijvoorbeeld twee of zes maanden. Voor een dergelijke overeenkomst voor bepaalde tijd wordt vaak gekozen in het geval een werkgever een sollicitant wel als werknemer in dienst wil nemen, maar zich niet ogenblikkelijk voor langere tijd contractueel wil verplichten, maar een 'kat uit de boom kijk periode’ wil om na te gaan of de nieuw aangetrokken werknemer wel over de juiste kwaliteiten bezit voor de werkzaamheden. Ook kan het zijn dat het bedrijf iemand niet voor onbepaalde tijd aanneemt, daar het onzeker is of er op langere termijn wel voldoende te verrichten werkzaamheden zijn.
Geen verplichting tot opzegging. Hoewel het fatsoenlijk is dat de werkgever, indien deze geen prijs stelt op verlenging van het tijdelijke arbeidscontract, de werknemer tijdig op de hoogte zal stellen, is hiertoe geen wettelijke verplichting. Dit geldt andersom ook. De werkgever noch de werknemer hoeft de arbeidsovereenkomst aan de ander op te zeggen. Immers, ze hebben bij het aangaan van de arbeidsovereenkomst duidelijk afgesproken dat deze slechts zou gelden voor de duur van de overeengekomen periode.

Stilzwijgend Voortgezette Overeenkomst

Opzegging 2e termijn vereist. Bij een stilzwijgend voortgezette arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd is het voor de rechtsgeldige beëindiging van de tweede termijn volgens de wet vereist dat wordt opgezegd. In tegenstelling tot de eerste periode, waar de arbeidsovereenkomst door het verstrijken van de overeengekomen tijd rechtsgeldig wordt beëindigd, is nu een rechtshandeling vereist om tot beëindiging te komen.
31 dagen. Als een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd, na het verstrijken van de overeengekomen periode, tussen dezelfde partijen binnen 31 dagen na de beëindiging van de eerste arbeidsovereenkomst wordt opgevolgd door een tweede arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd, deze laatste overeenkomst geacht wordt een voortzetting te zijn. Ook ten aanzien van een tweede overeenkomst voor bepaalde tijd die de eerste opvolgt, is voor de rechtsgeldige beëindiging van de overeenkomst opzegging vereist. De wettelijke opzegtermijn dient dan altijd in acht te worden genomen.

Overeenkomst voor Onbepaalde Tijd

Wettelijke opzegtermijn. Bij arbeidsovereenkomsten tussen partijen, aangegaan voor een niet contractueel overeengekomen tijd c.q. voor onbepaalde tijd, is opzegging met inachtneming van de wettelijke opzegtermijn altijd een vereiste.

Verschil Proeftijd - Bepaalde Tijd

Onderscheid. De arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd moet worden onderscheiden van de arbeidsovereenkomst waarbij de werkgever en werknemer een proeftijd zijn overeengekomen.

Wettelijke Proeftijd. Ingevolge artikel 1639 n van het Burgerlijk Wetboek kan alleen rechtsgeldig een proeftijd worden overeengekomen, als deze voor zowel de werkgever als de werknemer een zelfde periode bestrijkt. Dus voor ieder van hen even lang is, terwijl de periode van de overeengekomen proeftijd nooit langer mag zijn dan twee maanden. Een dergelijke proeftijd kan zowel bij arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd als bij arbeidsovereenkomsten voor onbepaalde tijd overeengekomen worden.
Opzegging ene op ander dag. Het bijzondere aan een dergelijke proeftijd is, dat zowel de werkgever als de werknemer bevoegd zijn gedurende de duur van de proeftijd van de ene op de andere dag de arbeidsovereenkomst te beëindigen, zonder dat hierbij enige formaliteiten in acht genomen hoeven te worden. Een dergelijke proeftijd tussen partijen moet echter wel expliciet zijn overeengekomen.

Uitzonderingen op bovenstaande vormen de mogelijkheid van Ontslag op staande voet en ontbinding van de arbeidsovereenkomst door de kantonrechter, zie hiervoor het artikel Ontslagrecht & Ontslagprocedure.


Meer Arbeid & Recht

© 2007 - 2008 Sila, gepubliceerd in Banen (Zakelijk) op 08-11-2007, laatst gewijzigd op 17-11-2007. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Sila is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen

Bronnen en/of referenties

  • Groenhart et al. Uw Goed Recht. Amsterdam: Trendboek

Reageer op het artikel "De Arbeidsovereenkomst (Arbeidscontract)"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.